Hier gaat iedereen op in de eenvoud van de plaatselijke bevolking, je schuift aan op een terrasje waar de tafel staat weg te zinken in het witte zand, steeds dieper en dieper totdat iemand de knieën er onder zet en hij weer omhoog komt, je drinkt de locale rhum die door de boeren aangeleverd wordt in allerlei soorten flessen en kannen, en drinkt er de verse fruitsappen of jus, die thuis angstvallig wordt bewaard voor oma of bob, en hier een opperbeste koele lekkernij zijn.
De mensen lachen, de toeristen lachen mee, de locals (Frans woord voor de oorspronkelijk bewoners) vertellen er hun verhalen, ze drinken rhum en hebben plezier.
Dit is Martinique, zo veel anders dan de andere eilanden.
Ik sluit af, de zon roept, ik wil naar de markt om vis te kopen voor het kerstfeest, een kaart op de bus doen voor schoonzus celine in new york, een voor moeder, en wie weet welk avontuur er weer aankomt.
Eentje weet ik dat er komt, weer een nieuwe rhum-cocktail met de voetjes in het zand.