Eklablog Tous les blogs
Editer l'article Suivre ce blog Administration + Créer mon blog
MENU

Publicité

Deel 47 In het begin.

‘dat ga ik proberen, en ik vraag niet of het mag, ik doe het gewoon.’

‘Vertel op, je zit op kolen’

‘De wereld bestond in de oudheid uit meerdere delen dan men geloven wil, dat wil zeggen, men denkt nog steeds dat de bijbelse geschiedenis de enige was in die tijd maar dat is toch immers achterhaald.

De Chinese oudheid is zeker net zo oud als de bijbelse en de Zuid-Amerikaanse oudheid is ook ouder dan men altijd placht te denken.

‘Wat heeft dat nu met de slavernij te maken ?’ onderbreekt Heerschap het verhaal.

‘Ik wil daarmee zeggen Heerschap, men denkt het alleenrecht te hebben op een god of godsdienst maar dat kan dus helemaal niet, alleen, de van oorsprong bijbelse godsdienst lijkt terrein te hebben gewonnen in ieder conflict wat er elders op de wereld was.

Kijk nu eens naar wat er gebeurde, men leest de verhalen in het oude testament, wat overigens bol staat van oorlogen en geweld, zodra we te maken krijgen met een op machtbeluste heerser wordt er door god ingesprongen, althans, zo vertelt ons de overlevering.

Elke koning in de bijbelse geschiedenis kent zijn gruweldaden of ten goede van het volk, of ten kwade, en altijd onder hun goden goedertierenheid.

Daar kwam verandering in, ook toen stond de wetenschap niet stil en de eerste weifelende ideeën kwamen tevoorschijn in het openbare leven, de Romeinen gingen rotzooi schoppen in het zo vredige rustige bestaan van de bevolking van Judea.

Er kwam tweespraak, er ontstond een ontwrichting van de maatschappij en zie daar, er werd een kindje geboren in bethlehems stal, de redder van de traditionele godsdienst, de redder van de politiek, tweeduizend en nog wat jaartjes geleden.’

‘Ga door.’ en Heerschap lurkt aan het rietje in zijn glas planteur.

‘We krijgen echter al spoedig een probleem, nog voor de zoon van de timmerman sterft, is er een kloof van ellende en ontwrichting ontstaan tussen zijn aanhangers van het nieuwe geloof, en de joden die de Romeinen aanhangig waren en die er ondertussen alles aandoen om het ontstane nieuwe christendom af te slachten.

We kennen de geschiedenis allemaal, het is mooi opgetekend in praktisch alle talen die er op de wereld bestaan.

Ter zelfde tijd ontwikkeld de regio zich enorm, nergens is er sprake van de Chinezen en Zuid-Amerikanen waar ongetwijfeld dezelfde machtsspelen door het draaiboek gaan daar ook de inca’s volledig zijn uitgeroeid, maar de achterban van de zoon van de timmerman timmert flink aan de weg, en de tegenhangers ook.

Dit werelddeel ontwikkelt zich enorm, en zie daar, uit onvrede, zoals ook uit onvrede de timmermanszoon “geboren” werd, ontstaat er kort bij de stal van bethlehem een ander geloof, gegrondvest op dezelfde oude verhalen, de zelfde overlevering, alleen men gebruikt andere definities voor het woord god; zoals de joden het jaweh noemen, wordt de nieuwe aanwinst Allah genoemd.

Er is één groot verschil Heerschap, één héél groot verschil tussen de christenen, de joden, en de islamieten.

‘Ik zit te springen’

‘Alleen de christenen erkennen het verhaal van Noach en zijn dronkenschap met de daaruit voortgekomen discriminatie van de zwarten.

Noch bij de joden, noch bij de islamieten is er sprake van de vervloeking van kanaän.’

‘Je gaat erg snel, ik kan je niet volgen.’

‘Ik kom daar straks op terug, wacht nog even.’

‘Je bedoelt dus min of meer dat een geloof wordt gebruikt, of ontstaat uit verlangen, om ergens in te geloven, en dan wordt gebruikt om beslissingen vrij te waren van schuld, of om situaties onder controle te krijgen ?’ vraagt Heerschap.

‘Maar natuurlijk Heerschap, zelfs vandaag komen er nog weer nieuwe geloven bij, omdat ze een verlangen hebben in “iets” wat men bij de huidige kerk niet vinden kan.

In de grote stad waar ik op school zat liep iemand met een kleed en predikte overal in de stad dat hij Jezus was, overigens niet erg handig van hem.’

‘Wat niet ?’

‘Dat hij riep dat hij Jezus was, hij had veel beter een andere naam kunnen kiezen, Jemanda of zo, of hoe heten die sekteleiders die in Amerika honderden mensen gegijzeld houden.

De naam van Jezus herbruiken is niet slim, niemand geloofde natuurlijk dat hij Jezus was.’

 

‘Je zegt nogal wat.’

‘Heerschap, wat ik niet kan en wil geloven, en wat me door kennis en studie geleerd is, is dat de mensheid al door de lengte van dagen heen bezig is de een uit te buiten tegen de ander.

Dat gebeurde in de bijbelse verhalen, het gebeurde in de middeleeuwen, in de gouden eeuw, en het gebeurd nog steeds, zelfs de grote regeringsleiders doen er gretig aan mee.

We halen mensen uit lage lonenlanden, we douwen ze in woonwijken waar geen hond meer wonen wil, en ze doen het werk wat wij niet meer willen doen.

Zo gaat het toch ?

Wat zijn ze god toch goed gezind.

In de zestiende eeuw waren ze in het zuiden van Europa de joden spuugzat, en werden honderdduizenden vermoord door de christenen, alles onder het voorwendsel van de goedheid des heeren.

Niet ver van die tijd weten we van de geschiedenis van de protestanten en de katholieken die elkaar om zeep hielpen, ook weer in gods genade zoals men zei.

Maar er was niet alleen maar oorlog en ellende, er waren ook enerverende tijden.

De handel bijvoorbeeld Heerschap, strekte zich verder en verder uit, en we ontdekte nieuwe kansen, een betere levensstandaard.

Maar, er moest flink voor gevaren worden en dat was duur.

Men ontdekte de wereld, men ontdekte Amerika en Zuid-Amerika met al de landen en eilanden die zich tussen Europa en de verre oost bevonden, en gebruikte de eilanden zoals Martinique voor de bevoorrading van het schip, en later om er handelskantoren op te zetten, te gaan wonen, en vergeet niet, de suikerindustrie op te zetten.

Ze werden rijker en rijker, en de oorspronkelijke bewoners konden maar een ding, de ruggen buigen voor de gesel.

Wie waren de oorspronkelijke bewoners eigenlijk, wie waren zij, deze zwarte mensen die hun taal niet spraken ?  

Nou, daar hadden ze al veel eerder iets op gevonden, en dat kwam wederom goed uit.

Luistert U nog Heerschap, nu kom ik terug op dat grote verschil.’

Heerschap knikt.

‘Al tijdens de ontboezemingen van de eerste bijbelvertalingen die al of niet op schrift werden gezet, werd ervan uitgegaan dat Cham een van  Noach’s zonen die geen genade kende in de ogen van hun god, de heidense voorvader is van de mensen met een donkere huid.

‘Maar dat is toch belachelijk ?’ roept Heerschap.

‘Dat denkt U Heerschap, maar het staat in de bijbel !

In Genesis negen, vers vijfentwintig tot zevenentwintig staat de tekst dat de zonen van kanaän, dus de kleinkinderen van noach, vervloekt zullen worden, “kanaän zal een knecht van zijn broers zijn” staat er letterlijk geschreven’

‘En dat is dus de reden dat de blanken hun als slaven verhandelden ?’

‘Heerschap, een normaal mens zou er van in de broek pissen van de lach, maar heelaas ja, het was en is nog steeds de reden voor veel mensen te denken dat ze boven de zwarten staan.’

‘Maar wat gebeurde er dan precies ? ik kan mijn luitenant vragen de bijbel te gaan halen op het schip, het staat boven de kooi, ik lees er elke avond in’ Heerschap wijst naar de sloep die een eindje verder ligt.

‘Nee dat hoeft niet, ik kan het U vertellen.

Noach land met zijn schip na de zondvloed op de vaste grond en gaat een akker aanleggen, een wijnakker.

Op een dag ligt Noach dronken en naakt in de akker, en wordt gevonden door zijn zoon Cham, die hem bespot “kijk hier eens liggen, de moraalridder”.

Haha !’

‘Waarom lach je ?’

‘Nou Heerschap, dat is toch bizar, ik bedenk me zojuist waarom juist ik hier op de Caraïben zit.

Vroeger, toen ik een kleine jongen was werd er iedere zondag kerk gehouden door mijn vader, mijn ouders waren zeer godsdienstig.

Maar al snel was er in mijn ogen van gezag geen sprake, mijn vader dwong ons netjes gekleed te gaan, de zondag te respecteren, maar zelf wist hij de scheve schaatsen nogal te berijden.

Op een zondag kwam hij dronken thuis en toen hij me gebood de bijbel aan te geven heb ik hem met dit boek op zijn hoofd geslagen.

Ik vluchtte het bos in, nou ja, voor een poosje dan, ik kreeg honger en ging weer terug naar huis.

‘Wat deed je vader ?’

‘Ik weet het niet, hij zei niets, maar waarschijnlijk hetzelfde als moraalridder Noach, de ketel verwijten dat hij zwart ziet.

En zie nu, zit ik hier bij baraque obama aan de rhum!, haha’

‘En al deze mooie mensen hier, zijn dus de nakomelingen van Cham?’ 

‘Nee Heerschap, dat is nu het gekke, het is de zóón van Cham die vervloekt wordt.

 Voor de kenners is het niet helemaal duidelijk, maar waarschijnlijk is de reden dat het verhaal moet passen.’

‘Wat bedoel je “het moet passen” ?’

‘Wel Heerschap, zoals men wel na kan gaan zijn de eerste bijbelboeken pas later opgetekend, hoeveel later dat weet men niet maar het is wel duidelijk dat niet vanaf “den beginne” men ook is gaan schrijven.

Misschien heeft men getekend, dat deden de Grieken en Romeinen immers ook, en ook de Inca’s en Chinezen hebben hun eerste jaren opgetekend in steen, in grotten.

Stel nu dat men pas veel later is gaan schrijven, pas toen het al reeds duidelijk was wie het onderspit zou gaan delven, pas toen het al duidelijk was dat kanaän in de weg stond, dan kun je toch makkelijk de verhaallijn zo opstellen dat het juist kanaän moet zijn die de foute boef uithangt, niet ?’

‘Waarom denk je dat ?’ Heerschap trommelt met zijn vingers op het gammele tafeltje.

‘Omdat Heerschap, er ook in het boek staat geschreven “laat de kindekes tot mij komen”, en “de hemel is oneindig groot”, en dan gaat het er bij mij niet in dat er bij voorbaat al een hele stam met mensen, de ontelbare zwarten, en denk daarbij dat er veel meer zwarten zijn dan blanken’ dat deze de toegang tot de hemel bij voorbaat is ontzegd!’

Heerschap draait zijn lege glas ongeduldig heen en weer.

 

‘Slavernij bestond al veel langer Heerschap, de Egyptenaren hielden de joden als slaven, de Arabieren de Indiërs, zelfs de blanken waren het slachtoffer van slavernij als straf opdat ze niet die godsdienst bezaten die hun meester wel aanhing.

En toen, terwijl deze schepen hun ladingen inhaalde werd er door de admiraliteiten en door koningen, door heersers en door kabinetten, terug gezien op de geschiedenis van noach’s zoon, en ja, ze waren heidenen in hun ogen, dus slavernij was toegestaan.

Er werden plantages opgezet, er waren nog meer mensen nodig, en er werden nog meer slaven geïmporteerd en geëxporteerd, alles ten goede van de economie en onder toeziend oog van dominee en kardinaal, met de hand op de bijbel.

Domweg, het mocht.

Het mocht omdat de bijbel het toestond.

De “foute” kleinkinderen van Noach zouden verhuisd zijn naar het land Kus of wel Koesj genoemd in de Hebreeuwse heilige literatuur.

Kus zou een Afrikaans land moeten zijn maar het is een onduidelijke warboel van verhalen welk land precies.

De vrouw van Mozes, Sipora, is met zekerheid een donkere vrouw geweest, maar ehhh, als je de bijbeluitleg leest van verschillende predikanten dan zul je lezen hoe druk men bezig is deze waarheid te verhullen in een wolk van verhalen.

Ik heb zelfs een bijbeluitleg gelezen waarin een pastoor durft te beweren dat het uitverkoren volk van Israel niet de Israëlieten zijn maar de blanken in Europa.'

 

 

 

 

Publicité
Retour à l'accueil
Partager cet article
Repost0
Pour être informé des derniers articles, inscrivez vous :
Commenter cet article